Installatie

Installatie voorschriften 

Het grondwerk en het stellen van de kolken moet zodanig geschieden dat zetting van de kolken zoveel mogelijk wordt voorkomen. Het is daarom noodzakelijk om zorgvuldig en gelijkmatig rondom de kolk te compacteren met aandacht voor de ondersteuning van de uitlaatmof. Rondom de onderbak dient het zand met een trilmachine bewerkt te worden. Ook het inwateren van de grond rondom de onderbak verdient onze aanbeveling. De scharnierzijde van de roosters dient zodanig geplaatst te zijn dat een eventueel openstaand rooster geen gevaar voor het verkeer oplevert. De kolken moeten in de juiste richting en hoogte worden gesteld. Voor de richting geldt dat de voorkant van de trottoirkolk evenwijdig met en 5 mm achter de voorkant van de trottoirband wordt gesteld. De trottoirband moet direct aansluiten op de trottoirkolk. De kolk moet op zodanige hoogte worden gesteld dat de bovenkant gelijk ligt met of bij voorkeur 5 mm lager ligt dan de bovenkant van de trottoirband respectievelijk de bovenkant van de weggoot. Voorkomen moet worden dat tussen trottoirband en trottoirkolk naden ontstaan, die dan met cementspecie moeten worden aangewerkt. Bij straatkolken moet het rooster zo zijn geconstrueerd, dat de inlaatsleuven niet evenwijdig aan de rijrichting van de weg liggen. Het grondwerk en het stellen van kolken moet zodanig geschieden dat zetting van de kolken, respectievelijk van de onderbak, zoveel mogelijk wordt voorkomen. De kolken zullen eveneens aan zetting onderhevig zijn, zodat mogelijk na enige tijd het opnieuw stellen van kolken noodzakelijk is. BT Nyloplast levert opzetranden en opzetringen. Deze ring biedt als voordeel dat alleen de gietijzeren afdekking gelicht dient te worden. De onderbak kan in de grond blijven zonder dat deze ontgraven hoeft te worden.  ​

​​